Dat schrijft de econoom Anne Sibert:
Is IJsland te klein voor terugbetaling Icesave-schulden?
Naast Martin Wolf hebben ook verscheidene andere journalisten onlangs gezegd dat IJsland te klein is om de last van Icesave te kunnen dragen. Hoewel de schuld aanzienlijk is, lijken de claims dat deze wel 50% van het bnp bedraagt, onterecht. De verplichting tot terugbetaling ligt allereerst bij het IJslandse depositogarantiefonds. Als de Icesave-overeenkomst wordt afgerond, heeft dit fonds, samen met de fondsen in het Verenigd Koninkrijk en Nederland, een preferente claim op de opbrengsten uit het faillissement van Landsbanki; daarvan gaat ongeveer de helft naar het IJslandse fonds. De regering is aansprakelijk voor de rest van de claim, en de terugbetalingsregeling (inclusief aangegroeide rente vanaf begin 2009, tegen een tamelijk ongunstig tarief van 5,55%) gaat na zeven jaar in. Volgens recente schattingen zou bijna 90% van Landsbanki’s activa invorderbaar zijn. In dat geval zou de geschatte netto contante waarde van de schuldenlast van Icesave aan het eind van 2015 slechts ongeveer 14% van het IJslandse bnp bedragen. Dit komt neer op een netto contante waarde van 3.600 euro per hoofd van de bevolking en een gemiddelde schuldenlast van minder dan 1% van het bnp per jaar, vanaf 2016 tot de schuld volledig is afbetaald (in 2024). Als slechts 75% van de activa invorderbaar blijkt te zijn, dan zou de gemiddelde schuldenlast tussen 2016 en 2026 neerkomen op 1,2% van het bnp. Voor de IJslandse belastingbetaler, die al gebukt gaat onder een ongekende daling van zijn besteedbare inkomen, vormt deze schuldenlast nog maar een deel van de totale kosten van de crisis. Toch is deze schuld niet onoverkomelijk. Hoewel het standpunt van IJsland juridisch gezien misschien terecht is, en de opstelling van de regering van Gordon Brown inderdaad intimiderend en niet erg ruimhartig is, is IJsland dus niet te klein voor terugbetaling.
Thijs Peters van Z24 schreef het eerder ook al: http://www.z24.nl/analyse/artikel_112966.z24

Reacties